Tijdens onze stilte-retraite gaf ik een begeleide meditatie over gelijkmoedigheid, één van de vier deugden, of hartkwaliteiten uit het boeddhisme.
Gelijkmoedigheid kun je vergelijken met de energie van de diepte van de oceaan, waar de golven aan de oppervlakte onstuimig kunnen zijn, maar tegelijkertijd de kalme diepte van gelijkmoedigheid er óók is.
Het is de energie van een liefdevolle oma, die kijkt naar alle fratsen die haar kleinkinderen uithalen, terwijl ze weet dat ze hun eigen lessen te leren hebben. En ze gewoon van die kleintjes houdt, met alles wat ze uithalen en meemaken, zonder haar eigen humeur er door te laten beïnvloeden.
Of je kunt het vergelijken, als je wilt, met de energie van de liefde van God voor al zijn scheppingen, zowel daders als slachtoffers.
Gelijkmoedigheid. Ik heb het er maar moeilijk mee de laatste tijd. De dingen die er in de wereld gebeuren, het onrecht dat ik zie, de onmacht die ik voel. Het haalt mij uit mijn evenwicht. In de voorbereiding die ik deed voor de meditatie, kreeg ik hier meer inzicht in.
Elke van de vier boeddhistische deugden heeft valkuilen. Eén is dichtbij, de andere verder weg. De valkuil vlak bij gelijkmoedigheid is onverschilligheid. Je kunt je niet verbinden met het leed van jezelf of van anderen. Je went je er van af, of haalt je schouders op. De spirituele bypass hoort hier voor mijn gevoel ook bij, of alles wegredeneren door te zeggen dat “het goed is zoals het is”, zonder daadwerkelijk contact te maken met wat je ziet of ervaart.

De verre valkuilen bleken precies de valkuilen te zijn waarin ik momenteel ben gevallen.
Upekkha valkuilen
De eerste is verlangen. Het verlangen dat je wél invloed kunt hebben op de situatie, dat je wél iets kunt veranderen, ook al ligt het buiten je invloedssfeer. Ai, die ken ik. Ik voel me zo onmachtig. Ik ben naarstig op zoek naar manieren om toch invloed uit te oefenen, dingen aan de kaak te stellen, mensen wakker te schudden. Nu is dat natuurlijk niet per definitie verkeerd, maar ik ga wel bij mezelf onderzoeken waar dit vandaan komt. Vanuit de overtuiging dat dit beter kan. Dat ik veel effectiever kan zijn als ik vanuit gelijkmoedigheid in actie kom. Zonder drammen, sirenes en alarmbellen.
De tweede verre valkuil is wrok. Boosheid, vanwege onrecht. Hoe kunnen mensen nu goedpraten dat bepaalde dingen gebeuren? Hoe kunnen ze bereid zijn om deze prijs te betalen? Hoe kan het zijn dat ze willens en wetens… enzovoorts. Woest ben ik! Op onze leugenachtige en op geldbeluste medemens, die ten koste van anderen… enzovoorts.
Gelijkmoedigheid begrijpen in het dagelijks leven
Ik lig nog even onderin de (val)kuil van gelijkmoedigheid. Het schijnt goed nieuws te zijn om af en toe eens onder in de kuil of put te zitten. Om uit het veld geslagen te zijn, niet te weten hoe je kunt verhouden tot de wereld en wat daar gebeurt. Ik oefen. Toch weer bijzonder, dat ik het verlangen voelde om een meditatie over gelijkmoedigheid te geven, waar ik zelf ook veel te leren heb. “You teach what you most need to learn,” zeggen ze dan.